Meten aan een gaspedaalpositiesensor

Sensorinformatie

Type: Dubbele potentiometer
Voeding: Vanuit ECU, 5 V en massa
Signaaltype: Amplitudevariërend
Signaalniveau: 0,5 V tot 4 V

Werking van de gaspedaalpositiesensor

De gaspedaalpositiesensor geeft de stand van het gaspedaal door aan de ECU door middel van een potentiometer. Veel gaspedaalpositiesensoren zijn uitgerust met twee potentiometers om de betrouwbaarheid te vergroten. Elke potentiometer heeft een eigen voeding vanaf de ECU waardoor een dergelijke gaspedaalpositiesensor zes aansluitingen kan hebben. De potentiometer is opgebouwd uit een koolstofbaan waarover een loper schuift die mechanisch verbonden is met het gaspedaal. Het ene uiteinde van de koolstofbaan is op de voeding aangesloten, het andere op de massa. Het sensorsignaal komt van de loper die over de koolstofbaan beweegt waardoor de signaalspanning verandert.

Als de sensor bestaat uit twee potentiometers, zijn de uiteinden van de koolstofbaan meestal omgekeerd ten opzichte van elkaar aangesloten. Dat heeft tot gevolg dat bij een verandering van de stand van het gaspedaal het signaal van de ene potentiometer zal stijgen en dat van de andere dalen. In dit meetvoorbeeld is aan een gaspedaalpositiesensor gemeten waar beide potentiometers hetzelfde spanningsverloop hebben, maar een verschillende offset.

Aansluiten van labscoop

De werking van de gaspedaalpositiesensor kan worden gecontroleerd door de volgende signalen te meten, zie figuur 1:

Kanaal Probe Spanning Meetbereik
1 Red probe Signaalspanning op uitgang van sensor 8 V
Black probe Massa op accuklem
2 Yellow probe Signaalspanning op uitgang van sensor 8 V
Black probe Massa op accuklem
3 Green probe Positieve kant voeding potentiometer 1 8 V
Black probe Negatieve kant voeding potentiometer 1
4 Blue probe Positieve kant voeding potentiometer 2 8 V
Black probe Negatieve kant voeding potentiometer 2

MeetschemaFiguur 1: Meetschema

Meten aan een werkende gaspedaalpositiesensorFiguur 2: Meten aan een werkende gaspedaalpositiesensor

De labscoop is via een Meetsnoer TP-C1812B en Backprobe TP-BP85 op de gaspedaalpositiesensor aangesloten. De labscoop is in recordermodus gezet. In recordermodus wordt een stream-meting uitgevoerd, waarbij de signalen continue live op het scherm worden getoond. Omdat de te meten signalen langzaam variëren, wordt de Automotive scope ATS5004D op een lage meetsnelheid ingesteld.

Meten

In figuur 3 zijn de signalen te zien van een gaspedaalpositiesensor die gemeten zijn bij contact aan zonder draaiende motor. Dit signaal kan worden gedownload en gebruikt om de labscoop op de juiste manier in te stellen of als referentiesignaal.

Meting Bestand
Gaspedaalpositiesensor-meting Disk

Labscoopmeting aan gaspedaalpositiesensorFiguur 3: Labscoopmeting aan gaspedaalpositiesensor

Het signaal van kanaal 1 (rood) en kanaal 2 (geel) zijn van de twee potentiometers die deze gaspedaalpositiesensor bevat. Het signaal van kanaal 2 heeft een offset van 0,75 V ten opzichte van kanaal 1 over de hele bereik van het gaspedaal. Aan het begin van de meting wordt het contact aangezet, waardoor de ECU wordt ingeschakeld en een voedingsspanning op de gaspedaalpositiesensor wordt gezet. Vervolgens wordt twee keer geleidelijk het gaspedaal ingedrukt en losgelaten, de tweede keer iets sneller dan de eerste. Het signaal van kanaal 3 (groen) toont de voeding van de eerste en kanaal 4 (blauw) de voeding van de tweede potentiometer. Beide voedingsspanningen horen gelijk te zijn.

Diagnose

Signalen kunnen afwijken bij andere typen motormanagementsystemen en gaspedaalpositiesensoren. Raadpleeg ATIS voor informatie over specifieke motormanagementsystemen en gaspedaalpositiesensoren.

Onderstaande afwijkingen van meetwaarden kunnen wijzen op een probleem:

  • Geen signaal:
    Oorzaken: meetpennen geen verbinding (voer connectietest uit), geen voeding, gaspedaalpositiesensor defect
  • Te hoge signaalspanning:
    Oorzaken: slechte of geen massa aanwezig, weerstand in bedrading naar ECU, gaspedaalpositiesensor defect
  • Signaal vertoont veel ruis:
    Oorzaken: bedrading van voeding of signaaldraad beschadigd, slecht contact in stekkeraansluitingen, gaspedaalsensor defect
  • Signaal vertoont een offset:
    Oorzaken: de scoop staat niet in gelijkspanningskoppeling: DC, geen of slechte massa aanwezig, weerstand in bedrading naar ECU, gaspedaalpositiesensor defect
Disclaimer

Dit document is onderhevig aan veranderingen en kan zonder voorafgaande mededeling worden aangepast. Aan dit document kunnen geen rechten worden ontleend.

De informatie in deze applicatie-note is gecontroleerd en wordt als betrouwbaar beschouwd. TiePie engineering kan echter niet verantwoordelijk worden gesteld voor eventuele onjuistheden.

Veiligheidswaarschuwing:

  • Controleer voor het meten dat bronnen van gevaarlijk hoge spanning zijn uitgeschakeld of afgeschermd tegen aanraking. Spanningen boven 30 V AC RMS, 42 V AC piek of 60 V DC worden als gevaarlijk beschouwd.
  • Zorg tijdens het meten voor een schone en overzichtelijke werkplek.
  • Deze metingen en procedures dienen als voorbeeld / meetsuggestie en zijn geen voorgeschreven standaard.
  • TiePie engineering kan niet anticiperen op de benodigde veiligheidsmaatregelen voor de bescherming van personen en apparatuur. Ga alvorens te meten eerst na welke veiligheidsmaatregelen van toepassing zijn.